1. Home 
  2. Actueel 
  3. Video's

Video's

Afzenderstructuur en samenwerkingsverbanden

Download deze video
Uitgeschreven tekst
    Marielle Selser: De rijksbrede huisstijl is bedoeld voor alle organisaties die bij de Rijksoverheid horen: ministeries, inspecties, grote uitvoeringsorganisaties, zoals Dienst Justitiele Inrichtingen en agentschappen zoals de Rijksgebouwendienst. Het officiele criterium wie er meedoet aan de rijksbrede huisstijl is: iedere organisatie die rechtstreeks onder ministeriele verantwoordelijkheid valt. Dat betekent bijvoorbeeld dat de rechterlijke macht en de wetgevende macht hier niet bij horen. Voor sommige organisaties of groepen organisaties is de status nog niet helemaal duidelijk. We zijn op dit moment nog bezig om te kijken welke van deze organisaties wel of niet mee gaan doen. Voice-over: Omdat de Rijksoverheid zo'n grote en veelzijdige organisatie is, is het van belang goed na te denken over de afzenderstructuur. De afzender moet zowel de Rijksoverheid als geheel als de afzonderlijke onderdelen begrijpelijk communiceren. Daarom is ervoor gekozen organisaties tekstueel herkenbaar te laten zijn en is de afzenderstructuur opgebouwd als familie: moeder, dochters en kleindochters. Moeder: de Rijksoverheid profileert zich als centrale afzender. Het gaat hier in beginsel om voorlichting aan het grote publiek. Een voorbeeld hiervan zijn de wervingscampagnes Werken bij het Rijk. Dochters: In relatie tot de Rijksoverheid zijn de ministeries de dochters. Ook de organisaties die een relatief onafhankelijke positie hebben ten opzichte van het moederdepartement krijgen de status van dochter. Voorbeelden hiervan zijn de planbureaus. Kleindochters: Diensten en agentschappen zijn kleindochters. Voorbeelden zijn de Rijksvoorlichtingsdienst, DJI en Rijkswaterstaat. Onder de naam van de kleindochter wordt altijd de naam van de dochter vermeld, cursief in het lettertype RijksoverheidSerif. Organisatieonderdelen van een departement zoals een directoraat-generaal, een directie of een afdeling komen niet voor in het logo. Deze organisatieonderdelen staan alleen genoemd in het kenmerkenveld of in het colofon van bijvoorbeeld een brief of een brochure. De logo's zijn in de ministerraad vastgesteld. De keuze wie wel of geen kleindochter is, is aan de secretaris-generaal van ieder ministerie voorgelegd. Niemand mag dus zomaar een eigen logo maken. Marielle Selser: Bij het bepalen wie naast het beeldmerk komt te staan draait het altijd om de vraag wie verantwoordelijk is voor de organisatie. Opdrachtgeverschap speelt dus geen rol in de afzenderstructuur en dat biedt duidelijkheid voor de ontvanger. Soms zijn er meer ministers verantwoordelijk voor een organisatie. Dan kun je de meer ministerslijn gebruiken: het beeldmerk zonder afzender ernaast. Er is altijd ergens anders op een middel een plek om te vertellen wie verantwoordelijk zijn voor deze organisatie. Als je van de meer ministerslijn gebruik wilt maken voor je organisatie moeten de verantwoordelijke secretarissen-generaal dit aanvragen bij de stuurgroep een logo. Natuurlijk wordt er ook heel veel samengewerkt, zowel tussen rijksoverheidsorganisaties onderling als met andere overheden en met private organisaties. Voice-over: Als rijksoverheidsorganisaties samenwerken vervalt het woordmerk naast het beeldmerk. Ergens anders op het middel kun je dan de afzenders kwijt. Dat lijkt dus op de meer ministerslijn maar het verschil zit erin dat je dit alleen voor bepaalde middelen doet en niet voor de organisatie als geheel. Over het vermelden van de afzenders hebben we afgesproken dat je altijd of de dochters of de kleindochters vermeldt. Je zet de organisaties vervolgens op alfabetische volgorde. Als je samenwerkt met niet rijksoverheidsorganisaties zijn er drie mogelijkheden: Een: de Rijkshuisstijl. Hiervoor kies je als de Rijksoverheid de initiator is, verantwoordelijk is voor het beleid of voor de financien. Twee, als de andere organisatie de initiator is, verantwoordelijk is voor het beleid of de financien, dan kies je voor de huisstijl van de organisatie met wie je samenwerkt. Drie, er is ook een neutrale stijl beschikbaar. Dit is een stijl waarbij alle logo's van de samenwerkende partners op een gelijkwaardige manier bij elkaar staan. Deze variant is te gebruiken wanneer de partijen op gelijkwaardige basis met elkaar samenwerken. Marielle Selser: De drie opties zien er als volgt uit. In de Rijkshuisstijl hebben we plekken bepaald per middel waar je het logo van de samenwerkingspartners kunt vermelden. Als de huisstijl wordt gebruikt van de organisatie met wie je samenwerkt, een externe huisstijl, is er meestal ook plek voor ons logo. Daarvoor hebben we een speciaal logo laten maken: het logo omgeving derden. Dat mag overal geplaatst worden, zolang het maar niet lijkt alsof de rijksoverheidsorganisatie de hoofdafzender is. Dus niet weer daarboven. Dan is er de neutrale stijl. We hebben een stijl ontwikkeld waarbij alle samenwerkende organisaties op een gelijkwaardige manier gepresenteerd worden. Voor deze stijl gebruiken we een aantal basiselementen van de rijkshuisstijl, zoals de vlakverdeling, het kleurpalet en het lettertype. Het grote verschil zit erin dat het logo midden boven ontbreekt. Voor ieder middel is een plek bepaald waar de logo's van alle deelnemende organisaties op een gelijkwaardige manier naast kunnen staan en er is een duidelijk ruimte gereserveerd voor de naam van het project of samenwerkingsverband. Voice-over: Een vraag die vaak gesteld wordt, is hoe om te gaan met samenwerkingsverbanden en projectstijlen waarbij een of meerdere partners organisaties zijn van buiten de Rijksoverheid. Daarover is besloten dat bestaande projectstijlen mogen blijven bestaan. Bij nieuwe projecten heb je de keuze uit de drie net genoemde opties. Marielle Selser: Als je vragen hebt over afzenderschap, twijfelt of je organisatie mee moet, of meer wilt weten over hoe je omgaat met samenwerkingsverbanden kun je altijd contact opnemen met het team een logo. Onze contactgegevens vind je op de huisstijlwebsite.

1Logo - Algemeen

1Logo - Algemeen
Download deze video
Uitgeschreven tekst
    Voice-over: De rijksoverheid gebruikt ongeveer 200 verschillende logo's. Dit aantal is zo groot en divers, dat burgers door de bomen het bos niet meer zien. Het is vaak onduidelijk welke organisaties nu wel en welke niet bij de rijksoverheid horen. Daardoor is ook niet duidelijk waar de rijksoverheid nou eigenlijk echt voor staat.
    Minister Ter Horst: Dat staat dus voor versnippering. En daarom hebben wij gezegd: hier moeten we vanaf.
    Minister-president Balkenende: Burgers zien vaak door de bomen het bos niet meer. Het is een melee van logo's en huisstijlen.
    Voice-over: Om er voor te zorgen dat de rijksoverheid herkenbaarder en toegankelijker wordt, besloot de ministerraad in 2007 tot de vormgeving en invoering van een rijksbreed logo en een daaraan gekoppelde huisstijl. Hiermee wil de rijksoverheid laten zien dat alle organisaties, hoe verschillend ook, dezelfde missie hebben. Ze werken altijd in dienst van het gedeeld belang. De implementatie van de rijksbrede huisstijl is een uitdagende en een immens grote operatie en kan niet in een keer, als een big bang, worden ingevoerd. Alle organisaties die rechtstreeks onder ministeriele verantwoordelijkheid vallen doen mee. Het gaat dus zowel om ministeries als planbureaus, inspecties, uitvoeringsdiensten en agentschappen. In totaal gaan zo'n 175 organisaties gefaseerd over naar de nieuwe rijksbrede identiteit. Alle organisaties hebben de nieuwe huisstijl op 1 januari 2011 ingevoerd. Op steeds meer plekken is het nieuwe logo al te zien: op gebouwen en auto's, op websites en de TV spotjes van Postbus 51 en ook intern binnen de diverse organisaties is de implementatie van de nieuwe huisstijl al goed zichtbaar. De nieuwe huisstijl draagt bij aan een herkenbare, toegankelijke en eenduidige presentatie van de Rijksoverheid en levert efficiencyvoordelen op. Om deze missie te laten slagen is het van belang dat er informatie, tools en richtlijnen beschikbaar worden gesteld voor een ieder die aan de slag gaat met het nieuwe logo en de huisstijl. De website rijkshuisstijl.communicatieplein.nl is de digitale website die al deze informatie beschikbaar stelt. Naast informatie en richtlijnen kun je je via de site ook aanmelden voor de digitale nieuwsbrief. Zo blijf je altijd op de hoogte van de nieuwste ontwikkelingen. Er zijn vier korte films gemaakt over de basiselementen van de rijkshuisstijl: logo, vlakverdeling, kleur en papier lettertypen en beeldrichtlijnen. Er is ook een film waarin de afzenderstructuur en samenwerkingsverbanden worden uitgelegd. De laatste film geeft een instructie over het werken met Indesign bestanden. Je kunt elke film apart bekijken of downloaden. Kijk hiervoor op de website: rijkshuisstijl.communicatieplein.nl

Het Rijkslogo

Het Rijkslogo
Download deze video
Uitgeschreven tekst
    Marc van der Heijde: Het logo voor de Rijksoverheid is een samenstelling van een beeldmerk en een woordmerk. Het beeldmerk bestaat uit een lint met onderin een illustratie geinspireerd op het Rijkswapen. Toekomst en traditie komen zo samen. Het lint en de illustratie vormen een vaste eenheid. Voice-over: Het logo staat altijd bovenaan in het midden. Deze plaats verbeeldt de plaats die de Rijksoverheid inneemt: middenin de maatschappij en neutraal boven alle partijen, want de overheid staat in de dienst van het algemeen belang. Vanwege deze heldere afzendervermelding kan het logo relatief klein zijn en is er veel ruimte voor de specifieke boodschap. Marc van der Heijde: Rechts naast het beeldmerk staat het woordmerk. Dit is het organisatieonderdeel van de Rijksoverheid vanuit wie gesproken wordt. Door de positie van het woordmerk wordt meteen duidelijk wie de afzender is. Het woordmerk is in het lettertype RijksoverheidSerif geschreven. Het is standaard zwart maar mag in wit geplaatst worden als dit de leesbaarheid verbetert. Het woordmerk is opgebouwd volgens een vaste afzenderstructuur en onderscheidt drie niveaus, die we moeder, dochters en kleindochters noemen. Voice-over: Moeder, de Rijksoverheid profileert zich als centrale afzender. Het gaat hier in beginsel om algemene communicatie aan het grote publiek. Een voorbeeld hiervan zijn de wervingscampagnes Werken bij het Rijk. Dochters: in relatie tot de Rijksoverheid zijn de ministeries de dochters. Ook organisaties die een relatief onafhankelijke positie hebben ten opzichte van het moederdepartement krijgen de status van dochter. Een voorbeeld hiervan zijn de planbureaus. Kleindochters: diensten en agentschappen zijn kleindochters. Voorbeelden zijn de Rijksvoorlichtingsdienst DJI en Rijkswaterstaat. Onder de naam van de kleindochter wordt altijd in cursief de naam van de dochter vermeld. Voor een overzicht van alle organisaties kun je terecht op de website rijkshuisstijl.communicatieplein.nl. Voor meer informatie kun je ook de film over afzenderschap en samenwerkingsverbanden bekijken. Marc van der Heijden: Voor het beeldmerk zijn vijf kleuren blauw gekozen, die de veelkeurigheid van de rijksoverheid symboliseren. Het is vooraf vastgesteld waar deze kleurversies worden toegepast. In de meeste gevallen worden de twee donkerste blauwen gebruikt. Uiteindelijk is de gewenste reproductiemethode ook leidend in de logokeuze. Zo zijn er geoptimaliseerde logo's voor drukwerk op gestreken en ongestreken papier en logo's voor schermgebruik. Er is ook een versie in zwart, die gebruikt wordt als er niet in kleur gedrukt kan worden, bijvoorbeeld op intern geprinte huisstijldragers zoals een fax, memo of notitie. Waar mogelijk staat op de achterzijde van een huisstijldrager een referentie aan het logo, zoals op enveloppen en brochures. Op internet staat deze referentie aan het logo onderaan de homepage. Voice-over: Het logo wordt aflopend op een drager geplaatst. De hoogte van het beeldmerk is afhankelijk van de richting van die drager. Op een staand of vierkant formaat is het logo drie vierkanten hoog. Op een liggend formaat is het logo twee vierkanten hoog. Voor de reguliere formaten A3, A4, A5 en A6 zijn vaste verhoudingen van logo en drager vastgesteld. Voor afwijkende formaten leidt een beschrijving tot de passende logogrootte. In een aantal gevallen wordt het woordmerk los van het beeldmerk geplaatst. Optimalisatie van leesbaarheid binnen beschikbare ruimte is dan het uitgangspunt. Voorbeelden hiervan zijn afzendervermelding op voer- en vaartuigen en op bewegwijzering. Marc van der Heijden: Op de huisstijlwebsite vindt u alle richtlijnen die informatie geven over het juiste gebruik van het logo van de Rijksoverheid. Hierop zijn ook de verschillende uitvoeringen en toepassingen te zien. De huisstijl is in ontwikkeling, dus zullen er in de toekomst wellicht aanvullingen en aanpassingen zijn. Kijk daarom regelmatig voor actuele versies van de richtlijnen op rijkshuisstijl.communicatieplein.nl. Voice-over: Wil je deze informatie nog even rustig nalezen of meer weten over het logo en de toepassingen ga dan naar basiselementen op de website en klik daar op Rijkslogo.

Lettertypen

Lettertypen
Download deze video
Uitgeschreven tekst
    Marc van der Heijde: Het lettertype vormt een wezenlijk onderdeel van de rijksbrede huisstijl. Het is tenslotte de kleinste drager van identiteit. De Rijksoverheid heeft twee eigen lettertypen laten ontwerpen: de RijksoverheidSerif en de RijksoverheidSans, letters die passen bij hoe de Rijksoverheid zich wil presenteren, letters die herkenbaar zijn, maar tegelijkertijd ingetogen. Naast de visuele voordelen van een eigen letter zijn er natuurlijk ook de praktische. Alle rechten zijn afgekocht, zodat de Rijksoverheid haar letterfamilie op een onbeperkt aantal werkstations mag gebruiken. Voice-over: De RijksoverheidSerif oogt klassiek en heeft een schreef. Een schreef is een dun dwarsstreepje aan het uiteinde van de verticale of horizontale balk van de letter. De Serif wordt altijd gebruikt in het logo. De letter leest prettig en is daarom ook zeer geschikt voor langere stukken tekst. De RijksoverheidSans heeft een moderne uitstraling zonder schreef. De letter heeft een neutraal en helder karakter. De Sans contrasteert met het traditionele karakter van de Serif. De Sans heeft de functie van kopletter voor huisstijl en communicatiemiddelen en kan ook goed worden gebruikt in bijschriften en streamers. Marc van der Heijde: De RijksoverheidSerif en de RijksoverheidSans spelen een belangrijke rol in de vormgeving van de Rijksbrede huisstijl. In drukwerk worden er geen andere lettertypen toegepast. Voor overig gebruik van lettertypen zijn er wel een aantal uitzonderingen. Voice-over: Systeemletters die standaard op alle computers aanwezig zijn worden gebruikt in kantoorautomatisering en voor beeldschermtoepassingen. Voor bijvoorbeeld brieven, interne stukken en PowerPointpresentaties wordt het lettertype Verdana gebruikt. Voor de sjablonen die worden gebruikt voor Open Source toepassingen, zoals bijvoorbeeld OpenOffice wordt gebruik gemaakt van de DejaVu. Dit is een licentievrij lettertype dat zeer sterke overeenkomsten met de Verdana vertoont. Marc van der Heijde: Op het downloaden en gebruiken van de lettertypen van de Rijksoverheid zijn gebruiksrechten van toepassing. Kortweg komt het erop neer dat het lettertype alleen voor de Rijksoverheid mag worden gebruikt. Je kunt het lettertype downloaden van de huisstijl website. Je hebt hiervoor wel een wachtwoord nodig. Dit kun je opvragen bij de huisstijl coordinator van jouw organisatie. De standaard voor het lettertype is PostScript. Voor specifieke technische omstandigheden kun je het ook in TrueType downloaden. Voice-over: Wilt u meer weten over RijksoverheidSerif en Sans ga dan op de website naar basiselementen en klik op lettertypen. Je kunt hier ook de lettertypen downloaden als je bent ingelogd.

Beeldrichtlijnen

Beeldrichtlijnen
Download deze video
Uitgeschreven tekst
    Marc van der Heijde: Een belangrijk uitgangspunt van de huisstijl is de ingetogen rol die de Rijksoverheid inneemt ten gunste van de boodschap. Om de kracht van die communicatie niet te verliezen bevat de huisstijl geen vormelementen of allerlei variaties daarmee. Fotografie is het middel bij uitstek om vorm en inhoud aan elkaar te verbinden. Daarom zijn er richtlijnen opgesteld voor beeldbepalende fotografie, zoals omslagen van brochures, rapporten, magazines, de homepage op internet of de opening van een belangrijke presentatie. Door het consequent volgen van deze richtlijnen, wordt ook fotografie een herkenbaar element binnen de Rijksbrede huisstijl. Voice-over: De huisstijl is een platform van communicatie waarbij niet vorm maar inhoud centraal staat. Beeld is daarmee functioneel. Het ondersteunt, vult inhoudelijk aan en legt uit. Daarom wordt in beeld altijd een onderwerp uitgelicht en is de verbeelding van dat onderwerp helder en expliciet. Voorkom dus zoveel mogelijk generieke beelden en sfeerbeelden. Een ander uitgangspunt is dat de Rijksoverheid werkt voor de samenleving, altijd in dienst van het gedeeld belang. In beeld betekent dit dat de aanwezigheid of invloed van de mens voelbaar is. Dat kan direct met de mens in beeld of indirect door de sporen van de mens te laten zien, bijvoorbeeld een omgezaagde boom of een aangelegde weg. Marc van der Heijde: Het volgen van de richtlijnen zal vaak betekenen dat er professionele fotografen bij betrokken zijn. We begrijpen dat het inzetten van een professionele fotograaf om diverse redenen niet altijd haalbaar is. Dat is de reden dat de richtlijnen zich beperken tot beeldbepalende fotografie. Iedereen die ze breder wil gebruiken is daarin meer dan welkom. Op de huisstijlwebsite is een beeldbank ingericht waar foto's rechtenvrij te downloaden zijn. Deze foto's kunnen ook dienen als voorbeeld voor in te schakelen fotografen. Voice-over: De richtlijnen voor beeldbepalende fotografie hanteren 5 beeldkenmerken: krachtig helder, sober, geloofwaardig en Nederlands. We laten deze kenmerken aan de hand van enkele voorbeelden zien. Hierbij zetten we een goede en minder goede uitwerking naast elkaar. Marc van der Heijde: Beide beeldmerken zijn geloofwaardig en Nederlands, twee beeldkenmerken die we nastreven. Het linkerbeeld bevat daarnaast een duidelijke tegenstelling: natuur versus cultuur. Er is een focus waardoor de communicatie helder blijft. Het resultaat is een krachtig beeld. Het rechterbeeld mist die kracht omdat het geen keuze maakt in wat het wil tonen. De gelaagdheid in het beeld leidt niet tot een hoofdzaak. Alles is gelijk: er is geen helderheid. Beide beelden zijn fris en kunnen als Nederlands getypeerd worden. Ze hebben beide ook een duidelijke focus. Het rechterbeeld overdrijft een situatie en probeert via de metafoor met het touw een boodschap te vertellen. Geloofwaardigheid is hier echter niet meer aanwezig en daarom is het linkerbeeld een betere uitwerking van een realistische klas situatie. Het linkerbeeld gebruikt een documentaire stijl. Deze stijl is geschikt om mensen te tonen zoals ze zijn: eerlijk, oprecht, integer. Ze staan in een herkenbare alledaagse omgeving. Het rechterbeeld voelt geensceneerd aan en schept een afstand. Het linkerbeeld toont betrokkenheid. Specifieke doelgroepen vragen om een specifieke benadering. Toch proberen we dit zoveel mogelijk met fotografie te doen. Het rechterbeeld probeert aansluiting te krijgen met jongeren met behulp van een moderne illustratiestijl. Maar het linkerbeeld is voor de doelgroep ook herkenbaar en geloofwaardig. Het zet de jongeren bovendien in een Nederlandse omgeving. Voice-over: Wanneer illustraties een functionele rol vervullen zoals symbolen of infografics dat doen, dan zijn deze eenvoudig en ingetogen van karakter. Een heldere lijnvoering en het reduceren van zoveel mogelijk elementen past bij het volwassen karakter van de Rijksoverheid. Overdaad, striptekeningen en cartoons passen niet in dat beeld. Wil je meer weten over de beeldrichtlijnen ga dan op de huisstijlwebsite naar basiselementen en kies voor beeld.

Vlakverdeling, kleur en papier

Vlakverdeling, kleur en papier
Download deze video
Uitgeschreven tekst
    Marc van der Heijde: De Rijksoverheid zoekt de balans tussen ordenen, richting geven en ruimte geven. Voor de huisstijl is daar vorm aan gegeven door middel van een eenvoudige vlakverdeling. In iedere publicatie wordt vanuit het midden van het vlak een verticale of horizontale as getrokken. Deze as is de begrenzing voor kleurvlakken, fotografie of typografie. Voice-over: De vlakverdeling kan elementen als tekst, kleur en beeld op verschillende manier samenbrengen. Voorbeelden van mogelijke vlakverdelingen zijn: een volledig vlak in wit kleur, kleurverloop of fotografie, een half vlak verticaal, combinaties van wit, kleur of fotografie, een halfvlak horizontaal, combinaties van wit, kleur of fotografie. De gebruiker van de stijl wordt uitgedaagd de boodschap zo helder mogelijk neer te zetten. Kwaliteit van tekst en beeld en hoe zij samenwerken is van groot belang. De Rijksoverheid wil immers duidelijk communiceren. Marc van der Heijde: Kleur is een belangrijk onderdeel in de vormgeving van deze boodschap. Voice-over: De Rijksoverheid hanteert vijf kleuren blauw als basispalet. Deze kleuren worden alleen gebruikt voor het logo en op een beperkt aantal middelen zoals vlaggen. Voor kleurgebruik op communicatiemiddelen is een ander kleurenpalet beschikbaar. Marc van der Heijde: De rijksbrede huisstijl heeft een palet van 16 verschillende communicatiekleuren. Deze kleuren zijn geinspireerd op het kleurrijke Nederlandse landschap en de Nederlandse schilderkunst. Daarnaast zijn er nog vijf vastgestelde kleurverlopen. Deze worden alleen op volvlakken toegepast, dus niet in combinatie met fotografie. Voice-over: De verschillende kleuren maken het mogelijk de verscheidenheid van de Rijksoverheid te laten zien en de boodschap steeds op de juiste manier te ondersteunen. Bij de ene boodschap zijn contrasterende kleuren gewenst, terwijl de andere keer een harmonieus kleurenpalet beter past. Ook wit speelt een belangrijke rol in de huisstijl. Wit geeft rust en ruimte aan de andere elementen. Overigens kan geen enkele organisatie een bepaalde kleur claimen. De Rijksoverheid bestaat uit ongeveer 175 organisaties die ieder alle kleuren mogen gebruiken. Percentages of tinten van de communicatiekleuren kunnen functioneel worden toegepast zoals in grafieken, tabellen en elementen van websites. Tinten zijn altijd ondersteunend en dus niet beeldbepalend. Het is met nadruk het volle kleurenpalet van de Rijksoverheid dat de toon zet. Marc van der Heijde: Op de website kun je meer lezen over kleurgebruik en over de juiste kleurwaarde per toepassing. Naast richtlijnen voor kleur zijn er ook richtlijnen voor papier. De rijksbrede huisstijl maakt gebruik van wit papier. Dus geen offwhite of andere tinten. Wit papier past bij het heldere beeld dat de Rijksoverheid wil uitstralen. Uiteraard kent wit veel gradaties en kan de witheid per papiersoort varieren. Mede om die reden is er een verschil gedefinieerd tussen een kleur op gestreken en ongestreken papier. Voice-over: Er zijn 3 categorieen papier benoemd met eisen en wensen die gesteld zijn aan esthetiek, techniek en bijvoorbeeld duurzaamheid. Binnen elke categorie zijn papiersoorten aangegeven die momenteel op de markt zijn en voldoen aan de gestelde uitgangspunten. De categorieen betreffen papier voor onder andere correspondentiemiddelen en voor publicaties op gestreken en ongestreken papier. De laatste versie van de lijst met goedgekeurde papiersoorten vind je op de huisstijlwebsite. De huisstijlkleuren zijn uitvoerig en op diverse papiersoorten getest. De juiste kleurcodes staan in het boek kleurrijk maar zijn ook te vinden op de website. Wil je meer weten over de vlakverdeling kleuren en geselecteerde papiersoorten ga dan naar de website en klik op basiselementen. Kies vervolgens het gewenste onderwerp.

Afzenderstructuur en samenwerkingsverbanden

Afzenderstructuur en samenwerkingsverbanden
Download deze video
Uitgeschreven tekst
    Marielle Selser: De rijksbrede huisstijl is bedoeld voor alle organisaties die bij de Rijksoverheid horen: ministeries, inspecties, grote uitvoeringsorganisaties, zoals Dienst Justitiele Inrichtingen en agentschappen zoals de Rijksgebouwendienst. Het officiele criterium wie er meedoet aan de rijksbrede huisstijl is: iedere organisatie die rechtstreeks onder ministeriele verantwoordelijkheid valt. Dat betekent bijvoorbeeld dat de rechterlijke macht en de wetgevende macht hier niet bij horen. Voor sommige organisaties of groepen organisaties is de status nog niet helemaal duidelijk. We zijn op dit moment nog bezig om te kijken welke van deze organisaties wel of niet mee gaan doen. Voice-over: Omdat de Rijksoverheid zo'n grote en veelzijdige organisatie is, is het van belang goed na te denken over de afzenderstructuur. De afzender moet zowel de Rijksoverheid als geheel als de afzonderlijke onderdelen begrijpelijk communiceren. Daarom is ervoor gekozen organisaties tekstueel herkenbaar te laten zijn en is de afzenderstructuur opgebouwd als familie: moeder, dochters en kleindochters. Moeder: de Rijksoverheid profileert zich als centrale afzender. Het gaat hier in beginsel om voorlichting aan het grote publiek. Een voorbeeld hiervan zijn de wervingscampagnes Werken bij het Rijk. Dochters: In relatie tot de Rijksoverheid zijn de ministeries de dochters. Ook de organisaties die een relatief onafhankelijke positie hebben ten opzichte van het moederdepartement krijgen de status van dochter. Voorbeelden hiervan zijn de planbureaus. Kleindochters: Diensten en agentschappen zijn kleindochters. Voorbeelden zijn de Rijksvoorlichtingsdienst, DJI en Rijkswaterstaat. Onder de naam van de kleindochter wordt altijd de naam van de dochter vermeld, cursief in het lettertype RijksoverheidSerif. Organisatieonderdelen van een departement zoals een directoraat-generaal, een directie of een afdeling komen niet voor in het logo. Deze organisatieonderdelen staan alleen genoemd in het kenmerkenveld of in het colofon van bijvoorbeeld een brief of een brochure. De logo's zijn in de ministerraad vastgesteld. De keuze wie wel of geen kleindochter is, is aan de secretaris-generaal van ieder ministerie voorgelegd. Niemand mag dus zomaar een eigen logo maken. Marielle Selser: Bij het bepalen wie naast het beeldmerk komt te staan draait het altijd om de vraag wie verantwoordelijk is voor de organisatie. Opdrachtgeverschap speelt dus geen rol in de afzenderstructuur en dat biedt duidelijkheid voor de ontvanger. Soms zijn er meer ministers verantwoordelijk voor een organisatie. Dan kun je de meer ministerslijn gebruiken: het beeldmerk zonder afzender ernaast. Er is altijd ergens anders op een middel een plek om te vertellen wie verantwoordelijk zijn voor deze organisatie. Als je van de meer ministerslijn gebruik wilt maken voor je organisatie moeten de verantwoordelijke secretarissen-generaal dit aanvragen bij de stuurgroep een logo. Natuurlijk wordt er ook heel veel samengewerkt, zowel tussen rijksoverheidsorganisaties onderling als met andere overheden en met private organisaties. Voice-over: Als rijksoverheidsorganisaties samenwerken vervalt het woordmerk naast het beeldmerk. Ergens anders op het middel kun je dan de afzenders kwijt. Dat lijkt dus op de meer ministerslijn maar het verschil zit erin dat je dit alleen voor bepaalde middelen doet en niet voor de organisatie als geheel. Over het vermelden van de afzenders hebben we afgesproken dat je altijd of de dochters of de kleindochters vermeldt. Je zet de organisaties vervolgens op alfabetische volgorde. Als je samenwerkt met niet rijksoverheidsorganisaties zijn er drie mogelijkheden: Een: de Rijkshuisstijl. Hiervoor kies je als de Rijksoverheid de initiator is, verantwoordelijk is voor het beleid of voor de financien. Twee, als de andere organisatie de initiator is, verantwoordelijk is voor het beleid of de financien, dan kies je voor de huisstijl van de organisatie met wie je samenwerkt. Drie, er is ook een neutrale stijl beschikbaar. Dit is een stijl waarbij alle logo's van de samenwerkende partners op een gelijkwaardige manier bij elkaar staan. Deze variant is te gebruiken wanneer de partijen op gelijkwaardige basis met elkaar samenwerken. Marielle Selser: De drie opties zien er als volgt uit. In de Rijkshuisstijl hebben we plekken bepaald per middel waar je het logo van de samenwerkingspartners kunt vermelden. Als de huisstijl wordt gebruikt van de organisatie met wie je samenwerkt, een externe huisstijl, is er meestal ook plek voor ons logo. Daarvoor hebben we een speciaal logo laten maken: het logo omgeving derden. Dat mag overal geplaatst worden, zolang het maar niet lijkt alsof de rijksoverheidsorganisatie de hoofdafzender is. Dus niet weer daarboven. Dan is er de neutrale stijl. We hebben een stijl ontwikkeld waarbij alle samenwerkende organisaties op een gelijkwaardige manier gepresenteerd worden. Voor deze stijl gebruiken we een aantal basiselementen van de rijkshuisstijl, zoals de vlakverdeling, het kleurpalet en het lettertype. Het grote verschil zit erin dat het logo midden boven ontbreekt. Voor ieder middel is een plek bepaald waar de logo's van alle deelnemende organisaties op een gelijkwaardige manier naast kunnen staan en er is een duidelijk ruimte gereserveerd voor de naam van het project of samenwerkingsverband. Voice-over: Een vraag die vaak gesteld wordt, is hoe om te gaan met samenwerkingsverbanden en projectstijlen waarbij een of meerdere partners organisaties zijn van buiten de Rijksoverheid. Daarover is besloten dat bestaande projectstijlen mogen blijven bestaan. Bij nieuwe projecten heb je de keuze uit de drie net genoemde opties. Marielle Selser: Als je vragen hebt over afzenderschap, twijfelt of je organisatie mee moet, of meer wilt weten over hoe je omgaat met samenwerkingsverbanden kun je altijd contact opnemen met het team een logo. Onze contactgegevens vind je op de huisstijlwebsite.

Rijkshuisstijl

Servicemenu